Specialisatie:    Dr Stéphanie Vandenbroucke

Wat is strabisme (scheelzien)?

 

Elk oog heeft zes oogspieren. In ideale omstandigheden werken alle oogspieren goed samen en is er een rechte oogstand. Bij scheelzien (strabisme) is er geen optimale samenwerking en één van beide ogen draait naar binnen, buiten, boven of beneden. Een combinatie is ook mogelijk. Dit kan continu aanwezig zijn, waarbij soms dubbelzien ontstaat, of onderliggend aanwezig zijn en slechts af en toe tot uiting komen. Ook dan kan dit klachten veroorzaken:

Esthetisch: hierbij merken andere mensen de strabisme op en kan het sociaal storend zijn. 

Functioneel: de verkeerde samenwerking tussen de ogen kan dan dubbelzicht veroorzaken, of een fors vermoeiend gevoel of hoofdpijn geven. Wanneer dit opgelost wordt (met een bril of met een ingreep) wordt deze last dan ook duidelijk minder.

 

Esotropie: één oog staat naar binnen

Exotropie: één oog staat naar buiten

Een afwijkende oogstand kan op elke leeftijd ontstaan. Elk scheelzien moet steeds uitgebreid onderzocht worden. 

Omdat een kind met scheelzien risico loopt op ontwikkeling van een lui oog, is een oogonderzoek relatief dringend. Zo kan de gepaste behandeling zo jong mogelijk starten.

Hoe wordt dit onderzocht?

We gaan enkele onderzoeken doen om een zo goed mogelijk beeld te krijgen van hoe de samenwerking tussen beide ogen juist verloopt. De meeste van deze onderzoeken gebeuren door iemand die gespecialiseerd is in deze metingen: een orthoptiste. Zij kan in detail meten hoeveel graden juist de afwijkingen zijn in elke richting (boven/onder/links/rechts). Hiervoor zijn verschillende onderzoeken mogelijk: met een Hess onderzoek bekijken we de oogstand in alle richtingen, met een synoptofoor kijken we hoe goed de samenwerking is tussen de ogen.

 

Hoe kan strabisme en/of dubbelzien opgelost worden?

Soms kan een bril het probleem oplossen, soms is een ingreep noodzakelijk. Dit kan zowel voor kinderen als voor volwassenen overwogen worden. Een strabisme ingreep houdt in dat één of meerdere oogspieren, die zich aan de buitenkant van het oog bevinden, verplaatst worden.  Het oog zelf wordt hierbij niet getoucheerd, zodat de risico's dan ook zeer beperkt zijn.

De ingreep gebeurt steeds onder algemene verdoving. 

Hoe werkt Relex Smile?

Smile is de laatste generatie van ooglaserchirurgie. Hier wordt door de femtosecond laser diep in het hoornvlies een laagje weefsel afgelijnd. Daarna wordt dit stukje (lentikel genoemd) via een micro insnede met de pincet verwijderd. Hierdoor verandert de kromming van het hoornvlies, waardoor de sterkte van het oog verandert en het zicht dus scherper wordt zonder bril of contactlenzen.

Het fundamentele verschil tussen LASEK, LASIK en SMILE is de plaats waar de laser zijn effect zal hebben

Diep in het hoornvlies wordt door de femtosecond laser een laagje hoornvliesweefsel afgelijnd. Dit heeft wat de vorm van een contactlensje, en noemen we het lentikel. De laser zal ook een kleine insnede maken naar dit lentikel, zodat dit met een pincet verwijderd kan worden.


 SMILE: wat zijn de voor- en nadelen?   

Relex SMILE lost verschillende problemen op die we soms hadden bij de klassieke LASIK chirurgie:

  1. Er is geen echte flap meer aanwezig. Daardoor is het hoornvlies (zoals bij LASEK) steviger, en kan een trauma jaren later in principe geen problemen meer geven
  2. Het hoornvlies blijft meer stevigheid behouden. Er wordt volledig in de diepte gewerkt. De bovenste laag van het hoornvlies is eigenlijk voor stevigheid de belangrijkste. Bij SMILE blijft deze intact, en is het hoornvlies na de ingreep steviger dan bvb. bij LASIK
  3. Er is minder droogte. De zenuwvezels die droogte veroorzaken lopen oppervlakkig. Bij SMILE worden die grotendeels intact gelaten, en zien we dus veel minder droogte ontstaan dan bij LASIK. De moment dat er bij LASIK een flap gemaakt wordt, worden veel zenuwvezels doorgesneden waardoor 30% na de ingreep last heeft van drogere ogen.
  4. SMILE is accurater voor hogere correcties. Studies tonen aan dat SMILE een preciezer resultaat heeft vanaf -6 in vergelijking met LASIK. Dit komt omdat bij SMILE de lasertijd voor een -3 gelijk is aan die van een -6: namelijk exact 29 seconden. De excimerlaser bij LASIK doet daar duidelijk langer over, en tijdens die extra tijd kunnen omgevingsfactoren (vochtigheid, temperatuur, ...) de nauwkeurigheid negatief gaan beïnvloeden.  Voor lagere correcties is dit effect verwaarloosbaar, maar bij hogere correcties zien we dat SMILE daardoor accurater is.

SMILE chirurgie: wat kan je verwachten?

Voor de behandeling: Eerst zal een grondig oogonderzoek gebeuren met hoornvlies scan, pupilmeting en wordt de sterkte van de correcie bepaald. Als je contactlenzen draagt, laat je die best een week voor het onderzoek uit omdat deze de vorm van het hoornvlies kunnen veranderen. 

Tijdens de behandeling: Eerst wordt het oog verdoofd met druppels, en er wordt een ooglidklemmetje geplaatst zodat je niet per ongeluk het oog kan dichtknijpen. Daarna zal de femtosecondlaser docken en zal de laser zijn werk doen. Op dit moment zie je een groen knipperlichtje, dat tenmidden van de procedure vaag zal worden, zal wegspringen of verdwijnen. Je blijft gewoon naar dezelfde plaats kijken, de laser zelf duur maar 29 seconden. Daarna gaan we het lentikel in het hoornvlies vrijmaken, en die met een pincet verwijderen. De procedure duurt in totaal 15 minuten.

Na de behandeling: Na de behandeling kan je direct terug naar huis, maar heb je wel een chauffeur nodig om je te voeren. De meesten voelen een mild discomfort ("vermoeid gevoel") aan de ogen gedurende de eerste dag.

SMILE: wat zijn de risico's?

Doordat er geen flap gemaakt wordt van hoornvliesweefsel zijn de risico's kleiner dan bij LASIK. Het voornaamste risico is dat van over- of ondercorrectie (minder dan 3%). Indien dit storend is kan (in overleg met de chirurg) weer een herbehandeling plaatsvinden om dit te corrigeren.  Deze dient dan met LASEK te gebeuren. Er is een (zeer klein) risico op infectie, of op ingroei van epitheelcellen. Dit kan in principe behandeld worden met druppels, of door een spoeling uit te voeren.  Het risico op droogte is duidelijk kleiner dan bij LASIK.

 

×